Climate Witness: Pak Azhar, Indonesia



Posted on 01 June 2010  | 
Mijn naam is Azhar, ik ben 32 jaar en ik woon op het eiland Balikukup, Berau, in Oost-Kalimantan in Indonesië. Er zijn hier steeds minder zekerheden ten aanzien van het weer, het wordt steeds minder voorspelbaar. Ik begrijp niet wat daar de oorzaak van is, maar het is duidelijk dat mijn leven als zeekomkommervisser hierdoor veranderd is.

English | Español | Français | DutchРусский | 中文

Ik woon al sinds 1999 op Balikukup. Balikukup is een klein eiland van ongeveer 18 hectare, en bestaat vrijwel volledig uit zandbanken. De omvang van het eiland varieert echter met de getijden. Tijdens perioden van laag water komt een grote zandbank boven water, die wel een kilometer ver de zee in loopt. 

Het weer is een belangrijke factor in het werk van een zeekomkommervisser


Ik ben in 2001 begonnen met het verzamelen van zeekomkommers. Er zijn twee manieren om zeekomkommers te vangen: sommige vissers zoeken gewoon op de stranden rondom het eiland tijdens perioden van laag water in de nacht, anderen duiken onder water tot dieptes van een meter of 10.

Zeekomkommervissers zijn voor hun werk erg afhankelijk van de weersomstandigheden. Tijdens regenbuien en storm is het moeilijk om een goede vangst binnen te halen, omdat zeekomkommers bij dat soort omstandigheden schuilen onder het zand.  Daarom is het voor de vissers belangrijk om het weer goed te kunnen voorspellen voordat ze aan het werk gaan.

Onvoorspelbaar weer


In het algemeen bestudeer ik het weer rond zonsondergang of aan het begin van de avond om te voorspellen of het 's nachts zal regenen of stormen. Tegenwoordig is het echter steeds moeilijker om het weer nauwkeurig te voorspellen. Gisteren bijvoorbeeld voorspelde ik aan het begin van de avond dat het 's nachts niet zou regenen, maar rond middernacht en vroeg in de ochtend regende het hevig.

Vroeger konden wij vissers het weer prima voorspellen. Maar nu niet meer. De ouderen op ons eiland zeggen dat ook. Atang is één van de oudere vissers, die wij hier op Balikukup zien als dé expert op het gebied van het voorspellen van het weer. Ook hij zegt dat sinds 2002 het weer onvoorspelbaarder is geworden. Vroeger kon Atang een zeer goede voorspelling geven, soms zelfs voor een heel jaar.

‘Bulan janda’ of Weduwemaand

Een voorbeeld van de onvoorspelbaarheid van het weer is het verdwijnen van het verschijnsel 'bulan janda' of Weduwemaand. Die benaming heeft te maken met het feit dat vissers die in die periode de zee op gingen, zelden weer veilig thuis kwamen. Daardoor werden hun echtgenotes dus weduwen. Weduwemaand is een jaarlijks terugkerend fenomeen, wanneer er 44 dagen achtereen harde zuidelijke winden waaien. Deze wind gaat soms even een half uurtje liggen en trekt dan weer flink aan. Gedurende die periode is het onmogelijk voor vissers om de zee op te gaan.
Vissers die genoeg geld en voedsel hadden gespaard hoefden niet per sé de zee op tijdens de Weduwemaand. De omstandigheden waren te gevaarlijk. Sommige vissers hadden echter geen keus en moesten ook tijdens deze periode de zee op.

Het verschijnsel van de Weduwemaand bestaat echter niet meer. De laatste keer dat zo'n periode voorkwam, was volgens de vissers hier in 1991. Daarna kwamen tijdens deze periode soms wel twee weken van rustig weer voor.  Niemand van ons vissers begrijpt waarom het fenomeen van de Weduwenmaand langzaamaan is verdwenen.

Geen idee wanneer het geld komt


Wij vissers hebben veel last van het onvoorspelbare weer omdat we nooit meer met zekerheid weten wanneer we kunnen gaan vissen. Het is daardoor voor ons moeilijk te voorspellen wanneer we geld zullen verdienen. Vroeger konden we met redelijke zekerheid voorspellen wanneer het tijd was om geld te verdienen en een beetje daarvan opzij te zetten, aangezien we konden voorspellen wanneer we konden gaan vissen. Nu gaan we gewoon vissen op het moment dat het mooi weer is. Maar op die manier kunnen we geen financiële planning maken.


Credit: WWF-Indonesia / Primayunta



 

Wetenschappelijke beoordeling

Beoordeeld door: Dr Heru Santoso, projectcoördinator van het TroFCCA (Tropical Forests and Climate Change Adaptation Project), Indonesië

De klimaatgetuige vertelt over drie natuurlijke gebeurtenissen die hij relateert aan het klimaat: toegenomen landerosie, een hoger waterpeil en onvoorspelbaar weer. Er zijn ook niet-klimaatgerelateerde factoren die hier aan kunnen bijdragen; zo kan toegenomen landerosie het gevolg zijn van ander gebruik van de grond, en kan een gestegen waterpeil het gevolg zijn van plaatselijke verzakkingen dientengevolge. De bewoners hebben echter ook een toegenomen golfslag geconstateerd en een toename in de onvoorspelbaarheid van het weer, en dat zou de houdbaarheid van hun nederzettingen en hun levensonderhoud in gevaar kunnen brengen.

Er is weinig wetenschappelijke literatuur die de beschreven verschijnselen in deze specifieke regio beschrijft in relatie tot klimaatverandering. De wateren in deze regio staan in verbinding met de stromen uit de Sulawesi en Sulu zee, die onderdeel uitmaken van de oceanische stromen vanuit het westelijk deel van de Stille Oceaan naar de Indische Oceaan. Een hoger waterpeil in de regio Berau zou te maken kunnen hebben met een hogere stand van het zeewaterpeil in het westen van de Stille Oceaan tijdens aan La Niña gerelateerde weersomstandigheden. Dit fenomeen is nu duidelijker merkbaar dan in het verleden, waarschijnlijk omdat de opwarming van de aarde deze uitersten in het klimaat nog eens extra geaccentueerd heeft (Mimura et al. 2007).

Om dezelfde reden zijn het onvoorspelbare weer en de plotselinge, abrupte veranderingen in het weer zichtbaar geworden. Abrupte veranderingen worden vaak geassocieerd met hoge windsnelheden die alleen kunnen voorkomen als er een significant verschil is in luchtdruk tussen twee gebieden. Een dergelijk groot verschil in luchtdruk zou kunnen worden veroorzaakt door grote warmte, in het bijzonder boven een warmtegevoelige oppervlakte. Land wordt gevoeliger voor warmte als de begroeiing verdwenen of flink uitgedund is. De Weduwemaand, een gebruikelijk gevolg van sterke zuidelijke winden, en een verschijnsel dat aan het verdwijnen is, wordt in het algemeen geassocieerd met de moessonwind, waarin de oostelijke wind vanuit het oosten van Indonesië naar het noorden draait richting Azië. De wijze waarop de energie uit deze wind wordt verdeeld, maar ook de schaal en de mate van circulatie van die energie, kan veranderen zowel als gevolg van de opwarming van de aarde als van hogere temperaturen in deze regio.

Het is daarom mogelijk dat de opwarming van de aarde heeft bijgedragen aan het vaker voorkomen van de door de klimaatgetuige beschreven natuurlijke weersverschijnselen. Het is echter gerechtvaardigd om te verifiëren of de opwarming van de aarde de verschijnselen in deze regio heeft uitvergroot, door middel van een vergelijking met andere variabelen. Tijdens La Niña stormen bijvoorbeeld, stroomt er warm water vanuit het oosten naar het westen en dat brengt meestal regen met zich mee. Het hoge waterpeil in de Berau regio dat door dit verschijnsel verklaard zou kunnen worden, zou geverifieerd kunnen worden met neerslagdata over diezelfde periode, bij voorkeur over een langere periode gemeten.

Alle artikelen worden onderworpen aan een wetenschappelijke beoordeling door een lid van het Climate Witness Science Advisory Panel.
 
Pak Azhar, Climate Witness
Pak Azhar, Climate Witness
© WWF-Indonesia / Marco Astan Enlarge
Logo
© Sony Japan Enlarge
Azhar and his family
Azhar and his family
© WWF-Indonesia / Marco Astan Enlarge
During lowtide, the sandbank can be exposed for 1km
During lowtide, the sandbank can be exposed for 1km
© WWF-Indonesia / Marco Astan Enlarge
Berau, Indonesia
Berau, Indonesia
© WWF-Indonesia / Marco Astan Enlarge

Subscribe to our mailing list

* indicates required